De Volkskrant; Gevraagd: troonopvolger - over de Japanse keizerlijke familie - 24 juni 2006

Het Japanse establishment probeert de mythe in stand te houden dat de keizerlijke familie uniek is. De troon moet het domein blijven van mannen, al denkt het volk daar heel anders over. Alleen is een mannelijke kandidaat nog niet voorhanden. ‘Politici misbruiken de keizerlijke familie.’

Een charmeoffensief moet aantonen dat het gezin van de Japanse prins Naruhito en prinses Masako, weer hechter en gelukkiger is dan ooit. Met het 4-jarige jarige prinsesje Aiko stevig aan de hand, dook het kroonprinselijk paar de afgelopen maanden op in Disneyland Tokio en bij de prestigieuze Gakushuin kleuterschool. Het weerzien met Naruhito, die terugkeerde van een reis naar Mexico, was ontroerend.
Aiko schreeuwde het uit van vreugde, geheel tegen de mores van het stijve hof in. In februari meldden verschillende Japanse weekbladen nog dat Masako genoeg had van al die ongelukkige jaren aan het hof, en van plan was te scheiden. Vrienden ontkenden die versie van het verhaal. Masako en Naruhito hadden door alle tegenspoed en valse roddels, juist een extra sterke band gekregen.
Masako die twee jaar geleden in een ernstige depressie raakte - een aanpassingsstoornis noemt men dat liever in Japan - lijkt te zijn opgekrabbeld. Al kijkt ze nog wat schuchter in de camera´s, die overal opduiken waar ze komt. Ze vergezelde haar man naar een niet al te opwindende opening van een expositie van bonsaiboompjes. En ze bracht een officieel bezoek aan een kinderziekenhuis.
De voormalig diplomate, afgestudeerd aan Harvard, was het symbool van de moderne Japanse vrouw, toen ze in 1993 in het huwelijk trad met Naruhito. Ze was aantrekkelijk, modieus en ambitieus en trad de wereld vol zelfvertrouwen tegemoet. ‘Maar ze is veranderd. Ze moet zó in het gareel lopen om de kunnen functioneren binnen de keizerlijke familie. Dat zie je alleen al aan die superdegelijke mantelpakjes die ze nu draagt,’ zegt Natsko Kobayashi(24), studente. 'En wat mag ze nou nog? Geen vrouw zou met haar willen ruilen. We hebben vooral met haar te doen.’
Twee keer wees Masako Owada, dochter van een diplomaat, een huwelijksaanzoek van Naruhito af. De carrièrevrouw, die een goed baan had bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, was bang om haar vrijheid en zelfstandigheid te verliezen aan het hof. ´Als Japanse wil ik iets voor Japan kunnen betekenen!’ Luidde haar motto.
Toch wist Naruhito haar ervan te overtuigen dat ze haar diplomatieke kwaliteiten ook aan zijn zijde ten volle zou kunnen benutten. Hij beloofde haar plechtig: ´Ik zal je mijn hele leven met al mijn krachten beschermen.’
Maar het paar had buiten de Imperial Houshold Agency (IHA) gerekend, de machtige instantie die heer en meester is over de keizerlijke familie en het ‘unieke karakter’ van de Japanse monarchie moet bewaken. Want eenmaal getrouwd bleek er geen sprake te zijn van buitenlandse reizen en andere zinvolle activiteiten. Masako moest zich vooral concentreren op de enige belangrijke taak van een kroonprinses: het baren van een manlijke troonopvolger.
Het kostte zeven jaar en een onbekend aantal miskramen, voordat Aiko werd geboren. En daarna besloot de IHA dat er nog een kind moest komen, in de hoop dat het wèl een jongen zou zijn. Masako bezweek onder de druk en werd vervolgens ziek.
Haar man schoot haar te hulp tijdens een legendarische persconferentie, in mei 2004. Naruhito verklaarde dat ze alles had gegeven om zich aan te passen aan het hof. Maar er waren pogingen gedaan om de carrière van Masako en haar persoonlijkheid te verloochenen.

Reprimandes

Nooit eerder had een lid van de keizerlijke familie zo uit de school geklapt. Het kwam Naruhito op felle reprimandes te staan van de keizer en zijn broer Fumihito. Ook keizerin Michiko gaf haar schoondochter onder uit de zak, tijdens een speech. ‘Het lijden van Masako is een bron van verdriet voor iedereen in de familie,’ begon ze nog vriendelijk. Het venijn zat hem in de staart. ‘Tijdens mijn huwelijk met Akihito heb ik een zwaar gevoel van verantwoordelijkheid gehad dat ik geen schande over de keizerlijke familie mag brengen.’
De sfeer aan het hof was verziekt en hervormingsideeën van Masako en Naruhito, maakten de zaak er niet beter op. Het paar liet doorschemeren niet alleen ceremoniële taken te willen vervullen, maar ook de handen uit de mouwen te willen steken. Volgens hen is het keizerlijk instituut aan modernisering toe, om zich niet te isoleren van het volk.
Eerdere peilingen wezen uit dat 35 procent van de Japanners totaal onverschillig tegenover de monarchie staat. In de leeftijdscategorie 20 tot 40 jaar bedroeg dat percentage zelfs 50. Kazue Izumisawa (37), marketingmanager, verwoordt het als volgt: ‘Ik heb veel sympathie voor Masako en Naruhito lijkt me een hele geschikte man. Maar de keizerlijke familie en de manier waarop die leeft, staat zo ver van me af, dat het instituut voor mij geen betekenis heeft. Ik kan er geen belangstelling voor opbrengen.’ Hervormingen en modernisering lijken dus noodzakelijker dan ooit.

Chrysantentroon

Heel even leek het er op dat er inderdaad wat zou veranderen in Japan. Premier Koizumi, dol op hervormingen, stond in februari van dit jaar op het punt een voorstel in te dienen bij de Diet (het parlement), voor wijzigingen van de Imperial House Law. Die wijzigingen moest er toe leiden dat ook vrouwen en hun nazaten voortaan de Chrysantentroon kunnen bestijgen. Ook moet het eerste kind van de keizer, ongeacht de sekse, aanspraak kunnen maken op de troon. Alleen dan, zou Prinses Aiko ooit haar vader kunnen opvolgen.
Koizumi meende zo de Japanse monarchie te redden want op dit moment is het voortbestaan in gevaar. Volgens de Imperial House Law uit 1947, kunnen nu alleen mannelijke erfgenamen van de mannelijke lijn in de keizerlijke familie, aanspraak maken op de troon. Na keizer Akihito komt kroonprins Naruhito. En mocht die vroeg overlijden, dan is zijn vijf jaar jongere broer Akishino aan de beurt. Maar daarna houdt het op. Want sinds 1965 is er geen jongetje meer geboren aan het hof. En men verwacht niet meer dat Masako, die inmiddels 43 jaar is, nog kinderen zal krijgen.
Peilingen wezen uit dat 80 procent van de bevolking, achter Koizumi’s voorstel stond, waar aan een commissie van wijze mannen en vrouwen zeker een jaar had gewerkt. Juist op dat moment begon de conservatieve kliek in Japan zich te roeren.
Vooral de aartsconservatieven en nationalisten, beschouwen de keizerlijke familie als het enige puur Japanse instituut dat overeind nog is gebleven. En als de meest pure vertegenwoordiging van het Japanse ras, omdat de manlijke bloedlijn in de familie al 2600 jaar ononderbroken is. De conclusie luidde dat de keizerlijke familie uniek is en moet worden beschermd. Prins Tomohito, een neef van keizer Akihito, keerde zich in een publicatie fel tegen een mogelijke breuk met die eeuwenoude traditie. De mannelijke bloedlijn mag onder geen beding onderbroken worden, opperde Tomohito. En de kroonprins moet maar een concubine nemen, om een mannelijke opvolger te produceren, zoals zijn voorouders ook altijd hadden gedaan.
Tomohito werd gesteund door de invloedrijke associatie van Shintopriesters, die gruwelt van het idee van een vrouw op de troon. Want de keizer is niet alleen geestelijk leider van het land maar ook opperpriester van het shintoïsme, de belangrijkste godsdienst in Japan. Vrouwen mogen veel shintoïstische ceremonies, niet eens bijwonen.
Ook conservatieve parlementsleden kwamen in actie. Zeker 173 parlementariërs, waaronder 135 partijgenoten van Koizumi, ondertekenden een petitie die opriep tot meer behoedzaamheid bij de besluitvorming. Hiranuma Takeo, de voormalige minister van handel, waarschuwde zelfs voor een mogelijke infiltratie van halfbloedjes met blauwe ogen, als de premier zijn zin zou krijgen. ‘Als prinses Aiko keizerin kan worden en tijdens haar studie in het buitenland tegen een man aanloopt met blauwe ogen, wordt hun kind de troonopvolger!’ Als klap op de vuurpijl liet de Imperial Household Agency doorschemeren dat er misschien toch nog hoop was. Met veel bombarie werd de zwangerschap bekend gemaakt van prinses Kiko, echtgenote van Akishino. Is het een jongetje, dan is Japan gered, luidde de onderliggende boodschap. De druk op Koizumi werd te groot en hij moest zijn hervormingsplannen in de ijskast zetten.

Sober kantoor

Tot grote ergernis van felle voorstanders van hervormingen, zoals professor Chieko Kanatani. Ze is hoofd van het Women & Work Research Center, dat huist in een sober kantoor midden in Tokio. ‘Ik weet bijna wel zeker dat Kiko een jongetje verwacht en dat de conservatieven en nationalisten hun zin krijgen! Het is allemaal voorgekookt. De timing van het nieuws en de gewichtige manier waarop het naar buiten werd gebracht, zeggen me genoeg.’
De kans om een begin te maken met de modernisering van de keizerlijke familie en de achterstelling van vrouwen aan te pakken, is voorbij. En de hele affaire heeft een zeer negatieve invloed op de maatschappij, aldus Kanatani. In Japan zijn vrouwen voor de wet gelijk aan mannen. Maar de praktijk is anders. ‘In tegenstelling tot in andere ontwikkelde landen hebben vrouwen hier nauwelijks economische of politieke macht. De keizerlijke familie zou het voorbeeld moeten geven, door gelijkheid tussen seksen te promoten. Maar in plaats daarvan is het een discriminerend instituut.’
De regering pretendeert verbetering te willen brengen in de positie van de vrouw. Kanatani: ´Een wijziging van de Imperial House Law zou dan toch een van de eerste stappen moeten zijn. Ongeacht of Kiko straks een jongetje baart of niet. Maar het zal niet gebeuren.’ Volgens de professor grijpen de conservatieven de hele affaire aan om hun eigen agenda door te drukken: alles in Japan vooral zo laten zoals het is. ‘En ze misbruiken de keizerlijke familie voor dat doel.’
Misbruik is ook een woord dat geregeld terugkomt in een gesprek met Japan specialist Herbert P. Bix. Hij is professor aan de Binghamton universiteit in Amerika en won in 2000 de Pulitzerprijs voor zijn boek Hirohito and the making of modern Japan.
Voor WOII werd de toenmalige Japanse keizer Hirohito beschouwd als een levende god, had hij absolute soevereiniteit en was hij het onbetwiste staatshoofd. Nadat Japan was verslagen en de grondwet werd herschreven, verloor hij al zijn macht. De keizer is nu het symbool van Japan en van de eenheid van het volk.
Maar de keizerlijke familie loopt helemaal niet meer in pas, stelt ook Bix. ´Tegenwoordig trouwt men in Japan pas op latere leeftijd, scheiden mensen steeds vaker, krijgen vrouwen minder kinderen en blijven ze vaak werken nadat ze in het huwelijk zijn getreden. De keizerlijke familie functioneert op geen enkele manier als een rolmodel, laat staan als een symbool voor nationale eenheid.’
Bix verwacht dat de kans op veranderingen miniem is, omdat de machtige IHA Britse toestanden vreest. ‘Het instituut beschouwt de levensloop van de leden van de Britse koninklijke familie, als horrorverhalen.’

Jaarlijks tuinfeest

De troonopvolgingskwestie leidt de aandacht af van de vraag die Japanners zich éigenlijk zouden moeten stellen: zijn er nog voldoende redenen om de monarchie in stand te houden? ‘Naar mijn idee bestaat het instituut nu vooral om te kunnen worden misbruikt door politici’, zegt Bix. ‘De keizerlijke familie speelt nog steeds een sociologische rol, door mensen die succesvol zijn te belonen. Die mensen worden uitgenodigd op het jaarlijkse tuinfeest op het paleis. Maar het is ook dán weer de regerende partij die, in samenwerking met de IHA, besluit wie er op de lijst komen te staan.’
Om verder misbruik van keizerlijke familie te voorkomen, en hervormingen door te kunnen voeren, is er volgens hem maar een oplossing, stelt Bix. ‘Haal de keizer uit de constitutie en laat hem weer in Kyoto wonen, zoals gebruik was tijdens de heerschappij van de Shogun.’ Die bestuurde Japan in de zeventiende en achttiende eeuw vanuit Tokio en kende de keizerlijke familie in Kyoto, alleen een spirituele betekenis toe. Bix: ‘De familie zal wellicht beter in staat zijn een normaal leven te leiden, als ze verder afzit van het centrum van de macht.’
Voorlopig is de discussie over de toekomst van de Japanse monarchie, verstomd. Met spanning kijkt men uit naar de baby die in september wordt geboren. Is het derde kind van Kiko en Akishino een jongentje, dan is niet uitgesloten dat kroonprins Naruhito afstand doet van de troon en zijn broer voor laat gaan.
Fumihito kan zijn eigen zoon dan beter voorbereiden op het keizerlijke ambt. Het prinsesje Aiko zal een normaler bestaan kunnen leiden. En de druk op Masako om haar persoonlijkheid weg te cijferen, zal sterk verminderen. Maar wie staat er dan nog garant voor modernisering?